Artikel 1 — Naam en zetel
- De stichting heet: Stichting Nederlandstalige Literatuur Transnationaal.
- Zij heeft haar zetel te Bruinisse, gemeente Schouwen-Duiveland.
Artikel 2 — Doel
De stichting heeft tot doel:
- om de zichtbaarheid en de toegankelijkheid van de Nederlandstalige literatuur buiten het Nederlandse taalgebied te bevorderen. Daarbij richt de stichting zich op de uitbreiding van de digitale infrastructuur van de Digital Library and Bibliography for Literature in Translation en op de websites van de Dutch Literature in Translation;
- om de duurzaamheid van de Digital Library and Bibliography for Literature in Translation en van de Dutch Literature in Translation op lange termijn te waarborgen;
- om internationale samenwerking te versterken en strategische partnerschappen op te zetten en uit te breiden met instellingen en organisaties om de transnationale betekenis van de Nederlandstalige literatuur te bevorderen;
en het verrichten van alle verdere handelingen, die met het hiervoor genoemde doel in de ruimste zin verband houden of daarvoor bevorderlijk kunnen zijn.
Tot dit doel behoort niet het doen van uitkeringen aan de oprichters of aan hen die deel uitmaken van organen van de stichting.
Artikel 3 — Vermogen
Het vermogen van de stichting kan worden gevormd door:
- subsidies van de Nederlandse Taalunie;
- bijdragen van organisaties die met het doel van de stichting sympathiseren;
- bijdragen van degenen in wiens belang de stichting werkzaam is;
- opbrengsten van activiteiten van de stichting.
Artikel 4 — Bestuur: samenstelling, wijze van benoemen
- Het bestuur bestaat uit een door het bestuur te bepalen oneven aantal van ten minste drie (3) leden. De bestuurders worden benoemd door het bestuur en voor de eerste maal bij deze akte.
- Het bestuur (met uitzondering van het eerste bestuur, waarvan de leden in functie worden benoemd) kiest uit zijn midden een voorzitter, een secretaris en een penningmeester.
- De bestuurders treden af volgens een door het bestuur opgemaakt rooster van aftreden met inachtneming van een zittingsduur van ten minste drie jaar, met uitzondering van de leden van het eerste bestuur, die zitting hebben voor de duur van vier jaar en daarna aftreden volgens een door het bestuur opgemaakt rooster van aftreden, waarbij voor hen alsdan een zittingsduur kan gelden korter dan drie jaar; in tussentijds ontstane vacatures benoemde bestuurders nemen op het rooster van aftreden de plaats in van hun voorgangers. Aftredende bestuurders zijn onbeperkt herbenoembaar. Een aftredende bestuurder blijft in functie totdat in de vacature is voorzien.
- Bij het ontstaan van één (of meer) vacature(s) in het bestuur zullen de overblijvende bestuurders met algemene stemmen (of zal de enig overblijvende bestuurder) binnen drie maanden na het ontstaan van de vacature(s) daarin voorzien door de benoeming van één (of meer) opvolger(s).
- Bij verschil van mening tussen de overblijvende bestuurders omtrent de benoeming, alsmede wanneer te eniger tijd alle bestuurders mochten komen te ontbreken voordat aanvulling van de ontstane vacature(s) plaats had en voorts indien de overgebleven bestuurders zouden nalaten binnen de in lid 4 van dit artikel genoemde termijn in de vacature(s) te voorzien, zal die voorziening geschieden door de rechtbank op verzoek van iedere belanghebbende of op vordering van het openbaar ministerie.
Artikel 5 — Bestuur: taken, bevoegdheden en vergoedingen
- Het bestuur is belast met het besturen van de stichting. Het bestuur stelt daartoe een beleidsplan op.
- Bij het vervullen van hun taak richten de bestuurders zich op het belang van de stichting en de met haar verbonden organisatie.
- Het bestuur is bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding of bezwaring van registergoederen, mits het besluit wordt genomen met algemene stemmen van alle in functie zijnde bestuurders.
- Het bestuur is niet bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten, waarbij de stichting zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een ander verbindt.
- In geval van ontstentenis of belet van één of meer bestuurders is (zijn) de overblijvende bestuurder(s) met het gehele bestuur belast. Het bestuur draagt er voor zorg dat een persoon wordt aangewezen die in geval van ontstentenis of belet van alle bestuurders of van de enige bestuurder de stichting tijdelijk bestuurt. Onder belet van een bestuurder wordt in deze statuten in ieder geval verstaan de omstandigheid dat:
- de bestuurder gedurende een periode van meer dan zeven dagen onbereikbaar is door ziekte of andere oorzaken;
- de bestuurder is geschorst.
Indien het voltallige bestuur niet meer functioneert door ontstentenis of belet kan iedere belanghebbende de kantonrechter verzoeken een bijzondere bestuursvergadering bijeen roepen.
- De kantonrechter wijst hierbij een tijdelijk bestuur aan.
- Deze vergadering kan besluiten nemen zonder dat aan de eisen ten aanzien van oproeping of besluitvorming is voldaan.
- Op de vergadering en de besluitvorming zijn overigens alle bepalingen van toepassing.
- De vergadering benoemt één of meerdere bestuursleden.
- Aan de bestuurders wordt geen beloning toegekend. Zij hebben wel recht op een niet bovenmatig vacatiegeld voor het voorbereiden en bijwonen van vergaderingen. Kosten die door bestuurders worden gemaakt bij de uitoefening van hun functie worden aan de bestuurders op vertoon van de bewijsstukken vergoed.
Artikel 6 — Bestuur: vergaderingen
- De vergaderingen van het bestuur worden gehouden op de plaats als bij de oproeping vermeld.
- Ieder half jaar wordt ten minste één vergadering gehouden.
- Vergaderingen zullen voorts telkenmale worden gehouden, wanneer de voorzitter dit wenselijk acht of indien één van de andere bestuurders daartoe schriftelijk en onder nauwkeurige opgave van de te behandelen punten aan de voorzitter het verzoek richt. Indien de voorzitter aan een dergelijk verzoek geen gevolg geeft zodanig, dat de vergadering kan worden gehouden binnen drie weken na het verzoek, is de verzoeker gerechtigd zelf een vergadering bijeen te roepen met inachtneming van de vereiste formaliteiten.
- Jaarlijks binnen zes maanden na afloop van het boekjaar wordt een vergadering van het bestuur (de jaarvergadering) gehouden, waar in elk geval aan de orde komt de vaststelling van de balans en de staat van baten en lasten.
- Ook wordt er een vergadering gehouden, wanneer één van de bestuurders daartoe de oproeping doet.
- Vergaderingen kunnen ook worden gehouden door middel van audio- of videocommunicatie of door middel van enig ander communicatiemiddel, mits elke deelnemende bestuurder door alle anderen gelijktijdig kan worden gehoord.
- De oproeping tot een vergadering moet ten minste zeven dagen tevoren gebeuren. De dag van de oproeping en die van de vergadering niet meegerekend. De oproeping kan door middel van een oproepingsbrief of langs elektronische weg geschieden.
- Een oproeping vermeldt, de plaats en het tijdstip van de vergadering en de te behandelen onderwerpen.
- De vergaderingen worden geleid door de voorzitter. Indien deze afwezig is voorzien de aanwezige bestuurders in de leiding van de vergadering.
- De secretaris notuleert de vergadering. Bij afwezigheid van de secretaris wordt de notulist aangewezen door degene die de vergadering leidt. De notulen worden vastgesteld en getekend door degenen, die in de vergadering als voorzitter en notulist hebben gefungeerd. De notulen worden vervolgens bewaard door de secretaris.
- Toegang tot de vergaderingen van het bestuur hebben de in functie zijnde bestuurders en degenen die daartoe door het bestuur zijn uitgenodigd.
- Indien een bestuurder tijdelijk of definitief niet in staat is zijn bestuursfunctie uit te oefenen, kan het bestuur een tijdelijke bestuurder benoemen.
Artikel 7 — Bestuur: besluitvorming
- Het bestuur kan in een vergadering alleen besluiten nemen indien de meerderheid van de in functie zijnde bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd is. Een bestuurder kan zich in een vergadering door een andere bestuurder laten vertegenwoordigen nadat een schriftelijke, ter beoordeling van de voorzitter van de vergadering voldoende, volmacht is afgegeven. Een bestuurder kan daarbij slechts voor één andere bestuurder als gevolmachtigde optreden.
- De bestuurder die een direct of indirect persoonlijk belang heeft dat tegenstrijdig is met het belang van de stichting en de met haar verbonden organisatie, meldt dit terstond aan de overige bestuurders en verschaft daarover alle relevante informatie. De overige bestuurders besluiten buiten aanwezigheid van de betrokken bestuurder of er sprake is van een belang dat tegenstrijdig is met het belang van de stichting en de met haar verbonden organisatie. Een bestuurder neemt niet deel aan de beraadslaging en besluitvorming indien de betreffende bestuurder daarbij een direct of indirect persoonlijk belang heeft dat tegenstrijdig is met het belang van de stichting en de met haar verbonden organisatie. Wanneer hierdoor geen bestuursbesluit zou kunnen worden genomen, wordt het besluit desalniettemin genomen door het bestuur onder schriftelijke vastlegging van de overwegingen die aan het besluit ten grondslag liggen.
- Is in een vergadering niet de meerderheid van de in functie zijnde bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd dan wordt een tweede vergadering bijeengeroepen, te houden niet eerder dan twee en niet later dan vier weken na de eerste vergadering. In deze tweede vergadering kan ongeacht het aantal aanwezige of vertegenwoordigde bestuurders worden besloten omtrent de onderwerpen welke op de eerste vergadering op de agenda waren geplaatst. Bij de oproeping tot de tweede vergadering moet worden vermeld dat en waarom een besluit kan worden genomen ongeacht het aantal aanwezige of vertegenwoordigde bestuurders.
- Zolang in een vergadering alle in functie zijnde bestuurders aanwezig zijn, kunnen geldige besluiten worden genomen over alle aan de orde komende onderwerpen, mits met algemene stemmen, ook al zijn de door de statuten gegeven voorschriften voor het oproepen en houden van vergaderingen niet in acht genomen.
- Besluiten van het bestuur kunnen in plaats van in een vergadering ook schriftelijk worden genomen. Dat kan ook langs elektronische weg. Bij het nemen van een besluit op deze wijze moeten alle bestuursleden in het te nemen besluit gekend zijn.
- Het bestuur kan ook buiten vergadering besluiten nemen. Van een aldus genomen besluit wordt door de secretaris een relaas opgemaakt, dat na medeondertekening door de voorzitter als notulen wordt bewaard.
- Iedere bestuurder heeft het recht tot het uitbrengen van één stem. Voor zover deze statuten geen grotere meerderheid voorschrijven worden bestuursbesluiten genomen met volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen. Bij staking van stemmen wordt het voorstel geacht te zijn verworpen.
- Alle stemmingen in een vergadering geschieden mondeling, tenzij één of meer bestuurders vóór de stemming een schriftelijke stemming verlangen.
- Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende, gesloten briefjes.
- Blanco stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht.
- In alle geschillen omtrent stemmingen beslist de voorzitter van de vergadering.
Artikel 8 — Vertegenwoordiging
- Het bestuur vertegenwoordigt de stichting.
- De vertegenwoordigingsbevoegdheid komt mede toe aan twee gezamenlijk handelende bestuurders.
- Het bestuur kan volmacht verlenen aan één of meer bestuurders, alsook aan derden, om de stichting binnen de grenzen van die volmacht te vertegenwoordigen.
Artikel 9 — Bestuur: defungeren
Een bestuurder defungeert door:
- overlijden;
- faillissement of zijn surséance van betaling of indien de schuldsaneringsregeling op hem van toepassing wordt;
- ondercuratelestelling;
- (periodiek) aftreden;
- ontslag door de gezamenlijke overige bestuurders;
- ontslag op grond van artikel 2:298 Burgerlijk Wetboek.
Artikel 10 — Boekjaar en jaarstukken
- Het boekjaar van de stichting is gelijk aan het kalenderjaar.
- Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de stichting en van alles betreffende de werkzaamheden van de stichting, naar de eisen die voortvloeien uit deze werkzaamheden, op zodanige wijze een administratie te voeren en de daartoe behorende boeken, bescheiden en andere gegevensdragers op zodanige wijze te bewaren, dat daaruit te allen tijde de rechten en verplichtingen van de stichting kunnen worden gekend.
- De penningmeester maakt jaarlijks binnen zes maanden na afloop van het boekjaar de balans en de staat van baten en lasten op van de stichting, indien de subsidiënten zulks wensen, vergezeld van een rapport van een registeraccountant of een accountant-administratieconsulent. Het bestuur is bevoegd deze termijn eenmalig te verlengen met een periode van vier maanden.
- De jaarstukken worden door het bestuur vastgesteld. Vaststelling van de jaarstukken door het bestuur strekt de penningmeester tot decharge voor het door hem gevoerde beheer.
- Het bestuur is verplicht de in de voorgaande leden bedoelde boeken, bescheiden en andere gegevensdragers gedurende zeven jaren te bewaren.
- De op een gegevensdrager aangebrachte gegevens, uitgezonderd de op papier gestelde jaarrekening, kunnen op een andere gegevensdrager worden overgebracht en bewaard, mits de overbrenging geschiedt met juiste en volledige weergave der gegevens en deze gegevens gedurende de volledige bewaartijd beschikbaar zijn en binnen redelijke tijd leesbaar kunnen worden gemaakt.
Artikel 11 — Commissies
Het bestuur is bevoegd één of meer (advies-)commissies in te stellen waarvan de taken en bevoegdheden zullen worden vastgesteld bij huishoudelijk reglement.
Artikel 12 — Reglement
- Het bestuur is bevoegd een reglement vast te stellen, waarin die onderwerpen worden geregeld, die naar het oordeel van het bestuur (nadere) regeling behoeven.
- Het reglement mag niet met de wet of deze statuten in strijd zijn.
- Het bestuur is bevoegd het reglement te wijzigen of te beëindigen.
- Op de vaststelling, wijziging en beëindiging van het reglement zijn de bepalingen ten aanzien van het quorum en de meerderheid van stemmen over de statutenwijziging in deze statuten van toepassing.
Artikel 13 — Statutenwijziging
- Het bestuur is bevoegd deze statuten te wijzigen. Een besluit tot statutenwijziging moet met algemene stemmen worden genomen in een vergadering waarin alle bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd zijn. Is in de vergadering waarin een besluit tot statutenwijziging aan de orde is het vereiste aantal bestuurders niet aanwezig of vertegenwoordigd, dan kan na die vergadering een nieuwe vergadering worden bijeengeroepen, te houden niet eerder dan drie en niet later dan zes weken na de eerste vergadering. In de nieuwe vergadering kan het besluit tot statutenwijziging worden genomen met een meerderheid van ten minste twee derde van de uitgebrachte stemmen, ongeacht het aantal aanwezige of vertegenwoordigde bestuurders.
- De wijziging moet op straffe van nietigheid bij notariële akte tot stand komen. Iedere bestuurder afzonderlijk is bevoegd de desbetreffende akte te doen verlijden.
- De bestuurders zijn verplicht een authentiek afschrift van de wijziging en de gewijzigde statuten neer te leggen ten kantore van het handelsregister.
Artikel 14 — Ontbinding en vereffening
- Het bestuur is bevoegd de stichting te ontbinden.
- Een besluit tot ontbinding moet met algemene stemmen worden aangenomen in een vergadering waarin alle bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd zijn. Indien het bestuur besluit tot ontbinding wordt tevens de bestemming van het liquidatiesaldo vastgesteld. In andere gevallen van ontbinding wordt de bestemming van het liquidatiesaldo door de vereffenaars vastgesteld.
- Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van de statuten zoveel mogelijk van kracht.
- Na ontbinding regelen de bestuurders de vereffening, tenzij bij het besluit tot ontbinding anderen tot vereffenaars zijn aangewezen.
- Na afloop van de vereffening blijven de boeken en bescheiden van de ontbonden stichting gedurende de bij de wet voorgeschreven termijn onder berusting van de door de vereffenaars aangewezen persoon.
Artikel 15 — Rechtskeuze
Op deze akte is het Nederlands recht van toepassing.
Artikel 16 — Slotbepalingen
In alle gevallen, waarin zowel de wet als deze statuten niet voorzien, beslist het bestuur.
Artikel 17 — Overgangsbepaling
Het eerste boekjaar van de stichting loopt tot en met éénendertig december tweeduizend zesentwintig.
Dit artikel vervalt nadat het eerste boekjaar is geëindigd.